2006 Beaufort – Van Westende tot Bredene – ca. 52 km

Maman2006 Beaufort, de “grootste openluchttentoonstelling ter wereld”, een ku(n)stevenement met internationale dimensie dat gedurende zes maanden honderdduizenden bezoekers van onze Belgische kust op de één of andere manier roert, beroert, ontroert…
Naast het ruime aanbod van activiteiten rond dit kunstgebeuren wilden wij in vier lusvormige fietsroutes alle werken van 2006 Beaufort aan elkaar fietsen. Na een voorbereidend bezoek aan 2006 Beaufort Inside in het PMMK te Oostende, waar wij de schitterende catalogus kochten, trokken wij er gewapend met de Ku(n)stgids 2006 Beaufort en de kaarten van het fietsnetwerk Westhoek Noord en Het Brugse Ommeland Noord op uit.

We hebben vier dagen na elkaar gefietst en zo’n 170 km afgelegd; we hebben bewonderd en we waren verwonderd; we hebben ons geërgerd aan de manier waarop sommige mensen met de kunstwerken omgaan en we hebben begrepen dat kinderen altijd en overal willen, zullen en moeten spelen, en dat voor hen een sculptuur net zo goed een klimrek is; we hebben gepraat, niet met “kunstkenners” maar met mensen die net als wij op ontdekkingstocht waren, … Kortom, het werden prachtige, verrijkende fietstochten en dit is het resultaat: vier fietsroutes om te genieten van een internationaal kunstevenement waarop wij fier kunnen zijn en waarvan wij ons gelukkig mogen prijzen dat het hier plaats vindt.

http://www.2006beaufort.be/
http://www.pmmk.be

PDF versie van de tekst – Van Westende tot Bredene

Voor deze tocht vertrekken we van het Duinenkerkje in Mariakerke, naast Oostende…

MamanHier staan we al meteen oog in oog met één van de meest indrukwekkende werken van 2006 Beaufort, althans voor mij.
“Maman” van Louise Bourgeois is een imponerend werkstuk van een ongelooflijke zeggingskracht. Er gaat geen dreiging uit van deze negen meter hoge spin. Integendeel, men voelt zich ertoe aangetrokken het gladde metaal aan te raken, te strelen en het geeft een goed gevoel binnen de kring van de poten te komen en omhoog te kijken naar het zwangere lijf dat zich tegen de blauwe lucht aftekent in het verblindende zonlicht.

Na dit sterke begin van deze tocht vertrekken we naar Westende. We rijden enkele tientallen meters in de richting van de zee, maar we gaan de dijk niet op. Er loopt hier een autovrij fietspad in de beschutting van de duinen en dus slaan we links af. Op de kaart van het netwerk staat dit pad als een klein wit baantje aangegeven.
Na een kilometer komen we ter hoogte van knooppunt 52 op het fietsnetwerk Het Brugse Ommeland Noord. We blijven gewoon rechtdoor rijden, richting knooppunt 16 op de kaart van het fietsnetwerk Westhoek Noord, en passeren aan de toegang tot het Domein Raversijde met de Atlantikwall. Rechts van ons zien we de vissershuisjes van de archeologische site Walraversijde.
We rijden door en maken ineens een bocht van 90° naar links. Hier zouden we wel rechtdoor kunnen rijden, maar dan zouden we uiteindelijk toch naar de zeedijk moeten rijden en de tocht langs daar verder zetten. Dat doen we nu liever niet en dus rijden we door naar knooppunt 16, de polders in. Daar aangekomen gaan we naar knooppunt 15, gevolgd door knooppunt 14, knooppunt 13 en knooppunt 12 (Schuddebeurze).
Nu zijn we ter hoogte van Westende, dus nemen we richting knooppunt 81.

JobWe komen uit aan de kerk van Westende-Dorp, dwarsen de N318 en rijden nu verder naar Westende-Bad. Wanneer het fietsnetwerk naar links afbuigt trekken we ons daar niets van aan en gaan gewoon door naar de Sint-Theresiakapel.

Daar vinden we “Job”, een doek van Luc Zeebroek, beter bekend als Kamagurka.
De centrale figuur van Job op de mesthoop, vertwijfeld en verscheurd in zijn leed, trekt onmiddellijk de aandacht. Het is een krachtige tekening.
En dan komen één na één de andere figuren in beeld, op ht eerst zicht absurd, grotesk tot in het belachelijke… maar dan blijkt dat elke tekening een verhaal op zich is, voor wie de boschiaanse wereld van Kamagurka tot zich wil laten doordringen en zijn beeldcode wil decoderen.
Op de achtergrond horen wij het verhaal van Job, verteld door Kamagurka zelf – ik meen tenminste zijn stem te herkennen.

We stappen terug op de fiets en vertrekken naar de zeedijk. Op het fietsnetwerk is dit de route naar knooppunt 80. Het is de bedoeling dat we nu over de dijk blijven rijden tot in Oostende en zo automatisch langs alle locaties van de hier geplaatste kunstwerken passeren.

De Liggende ManBij het buitenrijden van Westende komen we ter hoogte van het hotel Belle-Vue aan bij “De Liggende Man” van Tom Claassen.
De tien meter lange reus ligt eenzaam in het zand, met losse ledematen. Zijn ronde, gladde vormen geven hem het uiterlijk van een vriendelijke goedzak.
Deze Gulliver ligt te wachten op Lilliputtertjes, kinderen die hem zorgeloos en veilig kunnen beklauteren en er weer af glijden.
Ik denk aan het bolle konijn dat in het PMMK staat, zonder ogen of neus, met als enige zintuig de lange oren die het werk een als konijn herkenbare vorm geven.
Kinderen spelen op de reus en wij rijden door.
Een beetje verder komen we aan de graafkraan die hier blijven staan is als een kanten getuigenis in metaal aan 2003 Beaufort.

BabyNa een kleine drie kilometer fietsen worden we begroet door een bronzen Robbedoes en Spip. We zijn in Middelkerke, het stripdorp van onze kust.
Aan het casino stallen we onze fietsen naast Nero, in smoking en met champagne.
Vanop het dak van het casino kijkt een pikzwarte, wezenloze baby ons aan terwijl achter ons twee identieke klonen van hem de dijkhelling opkruipen. Het zijn de babies van de Tsjechische kunstenaar David Cerny.
Normaal moest hier van Cerny het werk “Shark” tentoongesteld staan, een aquarium met daarin een geboeide Sadam Hoessein, maar het gemeentebestuur van Middelkerke oordeelde dat zoiets in het huidige internationale klimaat niet door de beugel kon. Wie “Shark” wil zien moet naar het PMMK.
Niet erg, want de babies zijn een prettige aanwezigheid… een aanwezigheid die anderzijds ook weer verontrustend werkt omwille van hun kleur en hun wezenloze gelaat. Het is alleen doodjammer dat sinds ons laatste bezoek één van de babies het slachtoffer geworden is van vandalisme… of was het gewoon een “ongeluk”? In ieder geval, de borstkas van een baby werd ingedrukt en is kapotgescheurd.

De astronaut die de zee dirigeertWe nemen afscheid van de babies en van Nero en rijden verder naar Oostende. Na een laatste groet aan Urbanus van Anus laten we Middelkerke achter ons.
We komen voorbij knooppunt 52 in Raversijde, voorbij Mariakerke en belanden uiteindelijk in de drukte van de Koningin der Badsteden.
We rijden rustig door en houden halt aan het casino voor de astronaut die ver van het gewoel en de drukte de zee dirigeert. Het idee achter dit werk is groots, even groots als het idee achter “Searching for Utopia”. Dit is werk van Jan Fabre op zijn best.
Het is niet alleen een zoeken naar Utopia, maar een beleven van Utopia, meer nog, het creëren van Utopia, iets wat ieder van ons in zich heeft, maar wat door onze opvoeding en samenleving nu al bij de kinderen in de kiem gesmoord wordt.
Indien in 2003 “Searching for Utopia” emblematisch werd voor het Beaufort-project, dan kan “De astronaut die de zee dirigeert” daar gerust een voortzetting van zijn. Het beeld is de codering van een idee, een gevoel, een wens, een verlangen… een levensstijl. Uren zou ik hier kunnen luisteren naar de muziek die deze dirigent ontlokt aan zijn muzikanten, de zee, de wind, de meeuwen … ja, zelfs de kakafonie van de toeristenmassa.

De PelgrimMaar nu moeten we verder, verder langs de dijk en de visserskaai, tot aan de Sint-Petrus en Pauluskerk, waar zich twee schilderijen van Norbert Schwontkowski bevinden, rechtstreeks aangebracht op het vensterglas in het voorportaal.

Beide schilderijen stellen een reiziger voor in een sober decor. De pelgrim is omhuld door een eierschaal alsof hij bezig is geboren te worden en ik denk aan de woorden van Bob Dylan: “He’s not busy being born, he’s busy dying”.
De andere reiziger is gevangen in de tand des tijds, een spelonk waar hij druipwater van een stalactiet moet opvangen om zijn dorst te lessen.
We blijven reizen, steeds onderweg… we zijn bezig met geboren te worden terwijl we aan het sterven zijn, gevangen in de tand des tijds.

Gevangen in de tand des tijds

We verlaten de Sint-Petrus en Pauluskerk.

Wie hier een einde wil maken aan deze tocht en nog even rustig wil nagenieten op een terrasje kan dat. De weg terug naar Mariakerke is niet lang en we hebben zo ongeveer 40 km op de teller staan.

Wij gaan echter door naar Bredene via knooppunten 1 en 3.
We zijn nu terug op de kaart van fietsnetwerk Het Brugse Ommeland Noord.
De fietsroute gaat over de “Tettebrugge”, de tweelingbrug aan de De Smet De Naeyerlaan die in de volksmond zo genoemd werd naar de bronzen vrouwennaakten die zich hierop bevonden.
Vroeger was dit de verkeersader waarlangs al het doorgaande verkeer moest passeren. Bij iedere doorgang van een schip tijdens de spitsuren ontstond hier telkens een verkeerschaos van je welste.
Na grootscheepse werken is de chaos verlegd naar “De Bolle” en “De Tettebrugge” ligt er eenzaam en verlaten bij.

Terug op de Koninklijke Baan is het oppassen geblazen want het kruispunt waar we op terecht komen is niet bepaald fietsvriendelijk.
Van knooppunt 3 moeten we naar knooppunt 5.
We fietsen door het havenkwartier en komen aan Lange Nelle, de vuurtoren van Oostende. Daar rijden we een mooi, breed pad op waar we alleen maar enkele wandelaars en fietsers kruisen. En dan te bedenken dat het aan de andere kant van de havengeul een ongelooflijke drukte is.

AralsHier komen we bij de “Arals” van Josep Riera I Aragó, twee antropomorfe vormen die met hun voeten stevig in het zand over de zee uitkijken als grote antennes.
Zij krijgen hun volle betekenis in het licht van het werk dat Riera in het PMMK plaatste. Daar zien we een kaart in lood van het Aralmeer waarop de verzanding van de voorbije vijftig jaar van deze grote binnenzee zichtbaar is. Hopeloze Arals kijken verlangend naar het water dat steeds verder terugtrekt door de vervuiling en het waterverbruik van de katoenindustrie.
Staat dit lot onze Noordzee ook te wachten, of zijn de Arals hier om ons bewust te maken van de vérstrekkende gevolgen die onze Ecologische Voetafdruk heeft op onze planeet?

We rijden verder in de richting van Bredene.
Aan het einde van de dijk maakt het pad een scherpe bocht naar rechts. Opgepast, wie enigszins onzeker is, stapt hier best af: de helling over de duin is steil en zand of water maakt de rode tegeltjes verraderlijk slipperig. Eens over de top gaat het pad dan weer steil omlaag en ook hier kan het gevaarlijk zijn.
Beneden steken we de Koninklijke Baan over en draaien dan met het pad mee naar links.

Body BarOp een schorsstrook links van ons zien we een enorme vrouwenromp die in bikini ligt te zonnen. Dit is de “Body Bar” van Joep Van Lieshout.
Op het eerste zicht komt de polyester sculptuur met zijn afgehakte ledematen en hoofd nogal “wansmakelijk” over, maar dan wordt het speelse karakter van het geheel duidelijk: in de romp zijn vensters en een deur aangebracht. Binnenin is het licht zacht roze gefilterd, er staat een bank en er is verlichting aangebracht. Aan de buitenkant maken klimijzers het de kinderen gemakkelijk om naar boven te klauteren en vier tieners zitten er een ijsje te eten.
De Body Bar is een ontmoetingsplaats. Als dusdanig overstijgt het kunstwerk het puur decoratieve en krijgt het een meer functioneel karakter, net zoals “De Liggende Man”.
Beeldende kunst wordt toegepaste kunst met een sociale functie en gaat integraal deel uitmaken van de samenleving.

Danke für ihre wertvolle ZeitVan de Body Bar rijden we naar de Sint-Theresiakerk waar we het laatste kunstwerk van deze tocht kunnen bezichtigen.
Negen figuren trekken in een doldwaze polonaise aan ons oog voorbij. Van het werk bestaan verschillende versies, te oordelen naar de afbeelding in de Ku(n)stgids 2006 Beaufort, de foto op het paneel buiten de kerk en het “schilderij” dat in de kerk opgehangen is, maar de indruk blijft steeds dezelfde: mensen met het verstand op 0 die in dit “vermaak” elke vorm van creativiteit en waardigheid van zich afleggen. “Das Leben ist ein Umtata,” zouden we kunnen zeggen.

Terug buiten keren we terug naar de fietsroute en vervolgen we onze weg naar knooppunt 5. Maar we zullen niet zo ver doorrijden. Ons doel is de blauw-witte watertoren met het rode dak die we in de verte voor ons zien liggen. Waar de fietsroute aan het rond punt links wegdraait rijden wij rechtdoor. Aan de watertoren slaan we rechts af zodat we de toren links van ons houden. Deze baan leidt naar de Nukkerwijk. We rijden over een brug en slaan onmiddellijk rechts af. Zodoende komen we terug op het fietsnetwerk en rijden langs de Spuikom naar knooppunt 3. Van hieruit gaat het verder naar knooppunt 1.

Om terug naar Mariakerke te rijden kunnen we gewoon de weg terug over de zeedijk nemen, maar we kunnen ook naar de driemaster Mercator fietsen, van daaruit langs de Alfons Pieterslaan naar Petit Paris en vervolgens naar de Drie Gapers aan het uiteinde van de Venetiaanse Gaanderijen rijden. Op die manier vermijden we de grootste drukte van de Albert I Promenade.
Nu is het nog anderhalve kilometer naar Mariakerke.
Wanneer we bij de auto afstappen staan er 52 km op de teller. Met alle tussenstops hebben we over deze tocht ook zo’n zeven uur gedaan.
We gaan nog een laatste kijkje nemen bij de spin en kunnen in de rust van het kleine kerkhof nog even namijmeren over de voorbije dag.

Leave a Reply